Drempel

We voelen ons vrij in ons denken, en zijn het ook, in welke ruimte dan ook. Toch zijn we met handen en voeten gebonden aan de materiële wereld met zijn natuurkundige wetten, die in zichzelf zichzelf niet kan verklaren, en tegelijkertijd aan de metafysische wereld, ons spirituele kompas, dat ook in zichzelf zichzelf niet kan duiden. Kortom, zowel buiten ons als in onszelf ervaren wij het feit van ontoereikendheid; we noemen deze grens drempel. Hoe onze inzichten in de wetten en de spiritualiteiten zich ook verfijnen, hoe onze woorden met die inzichten ook meebewegen, we kunnen nooit volledig buiten of volledig in onszelf treden. Hoe we ook streven, we geraken niet één met de (allerruimste) ruimte en evenmin met ons (allerdiepste) zelf. Er is een diafaan net om ons heen dat zich door ons handelen telkens fijnmaziger tekent en veel belooft, maar dat zich nooit zal ontsluiten door het bestaan van die ene, onherroepelijke vraag meer die zich altijd laat stellen; er is altijd één antwoord te weinig.

In dit opstel onderzoeken wij (HvD en de filosofe Angeline van Doveren-Kersten) de drempel tussen stilte en tumult, tussen leven en dood, vanuit een perspectief geïnspireerd op de Poétique de l’Espace van de Franse filosoof Gaston Bachelard (1884 – 1962).

Gepubliceerd in Tussentijds 26 (2013) het tijdschrift van de vereniging Albert Camus.

Bent u geinteresseerd in het gehele artikel neem dan contact met mij op.

Comments are closed.